|

Regen of met zunne, ik blief onderweg. Regen of met zunne, ik blief onderweg. Niks in dizze wereld wat mij an t stoppen kreg. Ik goa verder he k ja altiewd zegd. Loat mij mar lopen, loat mij mar goan. Want zo a k nou doe zo heb ik altied doan. Loat mij mar lopen, loat mij mar goan. Niks is slimmer as stille bliefen stoan Uit Loat mij mar lopen Daniel Lohues.
Costa Rica 8-2-'10 - 23-2-'10 Tijdsverschil - 7 uur €1 = 630 Colon San Jose Het is ons niet gelukt om in Havana een reisgids van Costa Rica te vinden. Op het vliegveld vraag ik een paar andere toeristen of ik die van hen even mag lenen om op de kaart van San Jose een betaalbare slaapplek te zoeken. Met twee adressen en wat straatnamen stappen we het vliegtuig in dat ons naar San José zal brengen. Als we geland zijn, denken we op het vliegveld wel wat Costaricaans geld te kunnen pinnen. Maar ondanks het Maestro logo op de pinautomaat weigert hij bij alle vier de passen om ons ook maar een cent te geven. Gelukkig hebben we nog wat Amerikaanse dollars op zak, en na die te hebben ingewisseld nemen we een taxi naar het centrum. Het verschil met Cuba is erg groot. In de korte rit naar het centrum zien we veel casino’s, bekende en onbekende fastfood restaurants en in de file staan alleen maar luxe westerse auto’s. Als de tassen op onze hotelkamer liggen gaan we direct de stad in om wat te eten. Na Cuba is het erg fijn om in San Jose uit een ruime hoeveelheid restaurants te kunnen kiezen met een uitgebreide menukaart. Er is ook een ruime keuze aan banken in het centrum en veel hebben het Maestro logo op de deur staan. Maar bij alle vier de banken waar we komen spuwt de automaat onze passen weer uit en verschijnt er op het beeldscherm dat de passen ongeschikt zijn. Met een wat onaangenaam gevoel lopen we terug naar ons hotel. Daar leest Martine op het internet dat veel reizigers problemen hebben met pinnen in Costa Rica. Dat hebben we dus gemerkt! Het komt voor dat de ene pas wel wordt geaccepteerd en een andere niet. Ook al is hij van dezelfde bank en van hetzelfde rekeningsnummer. Erg vaag dus. De volgende dag vinden we gelukkig een bank waar we geld uit de muur kunnen trekken en we pinnen direct het maximale wat we op kunnen nemen. Het is ook mogelijk om Amerikaanse dollars te pinnen, dus daar leggen we ook maar een voorraadje van aan. Wanneer we bij de pinautomaat alle biljetten op verschillende plaatsen aan het stoppen zijn, staat er plotseling een strenge man voor mijn neus die me op niet te verstane wijze iets toeroept in het Spaans. ‘No hablo Español’ zeg ik, om hem duidelijk te maken dat ik geen idee heb wat hij bedoeld. Dan wijst hij op mijn pet die ik net heb opgezet en blijkt het dat het in Costa Rica verboden is om een pet te dragen in de streng beveiligde bank. Eindelijk hebben we geld en kunnen we op zoek naar een boekwinkel om een reisgids van het land te kopen. Het enige wat we van Costa Rica weten is dat de natuur er overweldigend moet zijn maar we hebben geen benul waar we al dat moois moeten zoeken. Na twee dagen voorbereiden en met een reisplan op zak, stappen we op de bus en gaan richting het zuidwesten. Uvita Op het busstation in San Jose wordt ons doormiddel van posters duidelijk gemaakt dat we onze bagage goed in de gaten moeten houden en op moeten passen voor zakkenrollers. De kans dat we hier net zo een geluk hebben als in Azië, waar we tot drie keer toe onze portemonnee in de bus lieten liggen en we hem drie keer weer terug kregen, is hier erg klein. Weg zal in de meeste gevallen weg zijn, en blijven. Bij elke stop die de bus maakt nemen we dan ook onze kleine rugzak met geld en waardepapieren mee en houden we die bij ons. Tijdens de busrit krijgen we al heel wat te zien van de prachtige natuur. De bus kronkelt zich een weg door de bergen en de uitzichten op het regenwoud zijn werkelijk wonderschoon. Na een paar uur bereiken we Uvita, een klein plaatsje, dat ongeveer zeven kilometer onder het meer toeristische Dominical ligt. Als we uit de bus stappen worden we onaangenaam verrast. Het is er namelijk bloedheet. Op zich is dat niet zo erg maar de luchtvochtigheid lijkt wel 100% te zijn. Het verschil in temperatuur en luchtvochtigheid met San Jose, dat in de bergen ligt en waar het erg aangenaam was, is enorm. Het zweet gutst ons van ons lijf als we onze tassen in de kamer van ons hotel zetten. Een airconditioning geeft ons even later de verkoeling die we nodig hebben. En dan te bedenken dat het nu het droge seizoen is, de beste reistijd voor Costa Rica. Hier wil je echt niet in het regenseizoen zitten wanneer het nog vochtiger en klammer is. Een Nederlands stel verteld ons dat er ergens een soort van openluchtbioscoop moet zijn en waar je voor de film kunt eten. Ze hebben een huurauto en nodigen ons uit om mee te gaan. Bij hun hotel horen we van de eigenaar dat het een soort van Amerikaanse party is. Het is de bedoeling dat iedereen wat te eten meeneemt en dat dan alles wordt gedeeld. Voor we op pad kunnen moeten we dus eerst langs de supermarkt om wat boodschappen te halen. De prijzen in de supermarkt zijn Europees duur. Zelfs voor een mango moet je ongeveer twee euro neertellen terwijl die hier overal groeien. Met wat bier, chips, bananen en een leverworst gaan we op zoek naar de bioscoop. De weg ernaar toe is erg slecht en gaat flink bergop. Onderweg passeren we de ene villa na de andere. Hier aan de westkust wonen veel Amerikanen die voor weinig geld een stuk grond hebben gekocht en daarop een huis hebben gebouwd. Het blijkt dat de openluchtbioscoop bij één van die Amerikanen thuis is. Aan het huis te zien heeft de familie geld als water. Het lijkt erop dat ze voor de lol op hun grote overdekte terras een professionele bioscoop hebben laten instaleren waar ze elke zaterdag voor de buurtbewoners en toeristen een film afspelen. De entree bedraagt € 6,-. Als je wat eten meeneemt wordt dat gewaardeerd maar het hoeft niet. Er is een uitgebreid buffet met de heerlijkste gerechten en het bier staat in de grote koelkast. Iedereen pakt maar wat hij wil. Na onze privébioscoop in Laos is dit de leukste bioscoop die we ooit hebben bezocht. In de pauze is er gratis popcorn voor iedereen en na de film staan alle schalen, die door de gasten zijn meegenomen, afgewassen op tafel. Ondanks de hitte willen we toch naar het Hacienda Baru National Park om een wandeling te maken. Volgens onze reisgids heb je ’s ochtends de beste kans om dieren te zien maar we missen net de bus van negen uur. Geen nood, om tien uur gaat er weer één. Drie kwartier later staan we weer bij de locals langs de weg te wachten. Maar om 10.15 uur…..geen bus. 10.30, 10.45, 11.00. Om 11.15 uur net voordat we er de brui aan willen geven komt de bus eraan, en een half uurtje later zijn we in het park. Na een snelle lunch lopen we het park in maar die blijkt niet zo bijzonder als dat we gehoopt hadden. Na twee uur lopen, maar wel wat neusbeertjes te hebben gezien, komen we zeiknat van het zweet aan in het plaatsje Dominical waarvandaan de bus vertrekt terug naar Uvita. Het is geen doen om in deze hitte te wandelen. Een boottocht door de mangroven van Sierpe met daarbij twee duiken bij Isla del Caño klinkt ons een stuk aangenamer in de oren en die boeken we dus voor de volgende dag.
Mangrove.
Die tocht is, net als de meeste georganiseerde tours, behoorlijk aan de prijs. We zullen aan het eind van de dag ongeveer € 200,- lichter zijn. De tour blijkt veel te duur als je bekijkt wat we ervoor krijgen. De tocht door de mangroven is leuk maar het is meer een omweg naar het eiland. Op volle snelheid vliegt de boot over het water. We stoppen alleen even drie minuten wanneer de kapitein een kleine krokodil op de oever ziet liggen. Nou zijn wij voornamelijk meegegaan om te duiken en na drie kwartier op open zee te hebben gevaren komen we aan bij het eiland en maken we ons klaar om het water in te gaan. Wat we dan nog niet weten is dat we vanaf nu achtervolgd zullen worden door heel, heel veel domme pech. In Cuba heb ik het duiken moeten laten schieten omdat ik verkouden was en mijn holtes waren verstopt. Dat is nog niet helemaal over, maar het is goed genoeg om weer een duik te maken…….denk ik. Ik ben echter nog geen vijf meter onder water wanneer ik plotseling het gevoel krijg alsof er iemand een mes in mijn oog steekt. Ik schrik behoorlijk en weet direct dat ik naar boven moet en niet zal kunnen duiken. Teleurgesteld en kwaad om die klotenholtes, waar ik vaak last van heb, klim ik weer aan boord van de boot. De mensen die mee zijn om te snorkelen komen even later ook weer aan boord. De één klaagt nog harder dan de ander. Er was weinig te zien en al helemaal geen vissen die, zoals was beloofd, in overvloed aanwezig zouden zijn. Als Martine aan boord klimt en ik vraag hoe het was, is zij ook niet al te enthousiast. Er was bijna geen koraal te zien. En dat vindt Martine nou juist erg mooi. ‘Maar’ zegt ze, en ik zie aan haar gezicht dat ze het eigenlijk niet wil vertellen, ‘er waren wel veel haaien.’ En die vind ik nou net helemaal te gek! Als ik de foto’s en filmpjes zie die Martine onderwater heeft gemaakt baal ik nog meer dan dat ik al deed.
Naar de haaien.
De stekende koppijn die ik heb van de duikpoging zal nog twee dagen aanhouden. We hebben dan het hete, vochtige Uvita dan achter ons gelaten en zitten weer in aangenamere temperaturen in de bergen rondom Santa Elena. Aangenamer,…..nog wel. Onderweg zien we nog wel een luiaard met, zoals later op de foto’s zal blijken, een jong tegen de borst geklemd. Ook zien we weer een grote groep van die neusbeertjes die een georganiseerde aanval aan het doen zijn op een fruitkraam langs de weg. Leuk voor ons maar iets minder voor de eigenaar van de zaak die handen tekort komt om de beesten bij zijn fruit weg te houden.
Luiaard met jong.
Santa Elena en La Fortuna Volgens de man van het toeristenbureau wordt het een mooie heldere dag. Een prima dag om de wandeltocht naar een uitkijkpunt te maken waar vanaf je een mooi uitzicht hebt op de bekendste vulkaan van Costa Rica, de Arenal. Als we bij het pad aankomen, blijkt deze ongelofelijk steil te wezen. In een slakkengang wandelen we omhoog. Na drie kwartier klimmen, komen we boven bij een hotel. Daar wordt ons gezegd dat we verkeerd zijn gelopen en helemaal terug moeten. De tweede poging blijkt ook niet goed. Bij de derde klim zitten we eindelijk op het goede pad maar deze is nog steiler. Zelfs een auto zou op dit pad niet omhoog komen. Een Quad haalt ons nog wel in maar die gaat ook erg langzaam. Als we bijna bij de top zijn begint het steeds harder te waaien en schieten wolken met een razend tempo langs de tv masten die er staan. Op de top is de Arenal in geen velden of wegen te bekennen en maak ik vrij snel rechtsomkeert. Mijn benen voelen aan zoals ze deden toen we Mount Kinabalu hadden beklommen en ik wil zo snel mogelijk weer naar beneden om te eten. Martine neemt het kleine pad naar beneden en komt drie kwartier later dan ik bij de afgesproken plek. Het blijkt dat het kleine pad helemaal niet zo steil was en uitkwam bij het hotel waar we het eerst waren geweest. Heel fijn! De lucht in Santa Elena betrekt meer en meer en ’s avonds begint het hard te waaien en te regenen. Tijdens de nachttoer door het regenwoud houden we het nog redelijk droog en zien we nog wel wat slapende vogels waaronder een Tukan. Plus een mierenhoop van vijftien meter doorsnee waarvan de top boven de grond uitsteekt. De volgende dag is het regen, regen en nog eens regen. De lange broek moet aan en ook de jas is nodig om het nog wat warm te krijgen. We komen zeiknat terug van een wandeling door een sprookjesachtig stuk regenwoud dat ons erg aan Nieuw Zeeland doet denken, maar de rest van de dag zitten we binnen. Van andere toeristen horen we dat het weer in La Fortuna stukken beter is dan hier. Mooi zo, op naar La Fortuna.
Reserva Santa Elena.
We boeken een Jeep-Boat-Jeep arrangement om in La Fortuna te komen. De autorit naar het meer is ongetwijfeld prachtig maar wij zien alleen wolken en regendruppels. Hetzelfde geldt voor de bootrit naar de andere kant van het meer. Gelukkig is het een grote boot en zijn de zijkanten dicht zodat we redelijk stabiel en droog over de flinke golven de overkant bereiken. Maar daar is het niet anders dan in Santa Elena. We vinden gelukkig een mooie kamer voor weinig met uitzicht op de Arenal vulkaan. Maar in de twee dagen dat we hier zijn zullen we hem niet te zien krijgen. De regen komt regelmatig met bakken uit de lucht en zelfs de eigenaar van het hotel raadt ons af een tour naar de vulkaan te boeken. Het zou zonde zijn van het geld.
Hotel met uitzicht op de vulkaan...
Op internet zien we dat het de komende dagen niet zal veranderen en alleen nog maar erger wordt met het weer. Ik heb medelijden met de toeristen die hier voor hun vakantie zijn. ‘Laten we naar Costa Rica gaan schat, in Spanje kan het nog wel eens koud zijn rond deze tijd.’ En daar loop je dan in je regenjas en kun je niet de dingen doen die je zou willen. Wij kunnen er gelukkig nog wel om lachen. Het is gewoon domme pech maar wij gaan nog niet naar huis terug. De Arenal zal zich de komende dagen waarschijnlijk toch niet laten zien en La Fortuna is een gehucht waar op elk huis een bord is getimmerd waarop ofwel restaurant, hotel of toerist information staat. Wij gaan richting het noorden om te kijken of het wat beter weer is Liberia, waar vanuit we een tocht naar het Nationale park Rincón de la Vieja willen maken. Liberia De bus richting Liberia zit behoorlijk vol. Ik kom naast een jongen te zitten van begin twintig die al gauw belangstelling toont voor mijn tattoo. Het is moeilijk communiceren met de paar woorden Spaans die ik spreek en de paar woorden Engels die hij spreekt. Als ik zijn vraag beantwoord waar ik vandaan kom, zegt hij een Nederlandse vriend te hebben. ‘Goh, zeker uit Amsterdam of Rotterdam’ denk ik maar hij blijkt in de plaats San Carlos te zitten. ‘In Prison.’ Hij heeft Engels geleerd van de Nederlander toen hij in de gevangenis zat. De Nederlander zat er voor drugssmokkel en door met zijn wijsvinger langs zijn keel te strijken, maakt hij duidelijk waarom hij er heeft gezeten. ‘Fight with woman.’ Kuch, uhmm, tsja, wat moet ik daar op zeggen. Als ik vertel dat we op doorreis zijn naar Nicaragua en daarna nog verder zegt hij dat we dan wel heel veel geld moeten hebben. Ik maak hem duidelijk dat we alles heel low, low, low budget doen en geen cent te makke hebben. Gelukkig moet de jongen er een paar haltes eerder uit dan ons. Toedeledokie maar weer. De dagtocht naar Rincón NP is gelukkig wel mooi. We maken een mooie wandeling en zien veel vulkanische activiteit. Hier is het echter weer bloedheet zodat we de acht uur durende wandeling naar de krater laten schieten en voor het koelere bos en een watervalletje kiezen.
Hete blubber.
En nu zit ik bij ons hotel dit doodsaaie verhaal af te tikken. Maar ik kan er echt niets meer van maken. Door het weer is het verblijf in Costa Rica wat korter geworden dan we vooraf hadden verwacht, en we hebben ook niet de dingen gezien die we hoopten te zien. Daarbij komt ook dat Costa Rica, voor de toerist, een erg goed georganiseerd land is. Soms wel eens iets te goed en ontkom je niet aan dure georganiseerde dagtochten. Niet erg, wel jammer. Wij pakken morgen de bus naar Nicaragua. Maar hopen dat we daar iets meer geluk hebben en iets meer beleven. O-ja, nog wel leuk om te vermelden is dat we binnenkort bezoek krijgen. We kregen een mail van Jonas, de Deen die met ons door Mongolië heeft gereisd. Het begon bij hem ook weer te kriebelen en was van plan om naar Argentinië en Chili te gaan in april. Toen we voor de gein terug mailden dat het daar veel te koud was rond die tijd en hij beter naar Guatamala kon komen, kregen we een verassend antwoord. Dat leek hem wel wat om nog eens een maand samen rond te trekken. Hij komt begin april naar Guatamala city en vliegt begin mei vanuit Cancun ( Mexico ) naar Argentinië. Niks niet moeilijk, gewoon doen! We hebben ons ledenbestand wat opgeruimd. Veel mensen hadden een e-mailadres die niet meer in gebruik is. Wil je een bericht in je mailbox wanneer we wat op de site plaatsen, en heb je dat niet gehad, wordt dan even opnieuw lid van de site met je huidige e-mailadres.
|
in de krant stond vd week
NS misleidt toeristen Schiphol
Gepubliceerd op 22-02-10
Veel toeristen die met de trein van Schiphol naar Amsterdam reizen, kopen onbewust een eersteklas kaartje. Op de kaartautomaten van Schiphol biedt de NS standaar een eersteklas kaartje aan, in plaats van een tweedeklas kaartje. Dit blijkt uit onderzoek gedaan door het Haarlems Dagblad
Twents, Zuid-Afrikaans en Betuws voor: ik niet
Zo'n schrijfpauze heeft Edwin goed gedaan ;)
Maar weer eens opnieuw mijn ww opgevraagd, kon ik ook es wat zinnigs zeggen haha
Die Jonas........... Gezellig!!!
Erg jammer dat het weer zo Kwaliteit Uitermate Teleurstellend was...
Maar die bioscoop was wel een heel mooi verhaal!
Uuuuuhhh!!!!????!!!
knie
________________________________________________________________________________
REACTIE EDWIN
Uuuuuhhh?????
Voet
________________________________
REACTIE EDWIN
Ik moet rennen. Martine kon zich weer eens niet beheersen en loopt nu schreeuwend over straat.