Laos

Laos

Reisverslag ●● Foto's ●● Eten & Drinken

 

Let it ride
Let it ride easy down the road
Let it ride
Let it take away all of this darkness
Let it ride
Let it rock me in the arms of stranger's angels until it brings me home
Let it ride
Let it roll
Let it go 

                         Uit: "Let It Ride"                                  
                         Ryan Adams

 

 

 

 

 

 

Laos  

tijdsverschil +6uur
20-11-2008 - 10-12-2008
€1 = 12.500 Kip

  Martine   Edwin
 Top: Lekker sfeertje, vriendelijke mensen, mooi land.  Alles
 Flop: Tja...   Niets
 Tip: Fietsen en brommen   Boek een vlucht
 Opvallend: Ook in de tropen kan het koud zijn.  De verdubbeling van de prijzen en het aantal toeristen  vergeleken met  drie jaar geleden

 

 

 

 

 

 

 

 

Herinneringen

Dat het refrein van het nummer “Let It Ride” van Ryan Adams hierboven staat is geen toeval. Vlak voor onze vakantie naar Laos in 2005 hoorde ik de cd “Cold Roses” en ik was gelijk verkocht. En niet alleen ik. Ook Martine is sindsdien gek van de muziek van deze Amerikaan. Als één van ons muziek op wil zetten en we weten niet goed wat, dan is het vaak van: ‘Ryan Adams dan maar?’ Altijd goed! Het nummer “Let It Ride” was tijdens onze vakantie mijn favoriet. Mijn vakantienummer. Elke keer als ik het nummer hoor denk ik wel even aan de geweldige vakantie in dit meer dan geweldige land. Ik vind het mooi hoe muziek je aan een bepaalde tijd of gebeurtenis doet herinneren. Iedereen die gek is van muziek zal zo wel zijn eigen speciale song of songs hebben. En het hoeft niet alleen muziek te zijn. Ongeveer twee weken terug liepen we ergens en plotseling rook ik de lucht van Midalgan.
Ik zei tegen Martine dat het me aan de voetbalkleedkamer deed herinneren waar ik al jaren niet meer binnen ben geweest. Tubes vol van die rommel heb ik op mijn benen gesmeerd als jochie. Zoveel dat het soms pijn deed als je naar buiten liep. Eén vleugje is genoeg, en je legt direct weer die associatie met iets van jaren geleden. Mooi!
Mooi is ook de herinnering die ik vaak heb wanneer ik door een bos loop. Mijn mooiste vakantieherinnering bewaar ik aan een wandeltocht met mijn vader en moeder om vijf uur ’s ochtends in de bossen rondom Exloo in Drenthe. Dat was toen een hele wereldreis. We stonden zo vroeg op omdat het dan de beste tijd zou zijn om dieren te kunnen zien. En ondanks het feit dat we nog geen tor hebben gezien is het wel mijn mooiste vakantieherinnering. Met z’n drieën lopend door de ochtendnevel in de bossen rondom Exloo. Misschien moet je uit een groot gezin komen om het speciaal te vinden.
Martine heeft nog een tijdje stage gelopen in Exloo. Op een middag toen ik haar op kwam halen zijn we nog even naar de camping gereden maar verder dan de parkeerplaats zijn we niet gekomen. Soms moet je iets niet doen omdat het de herinnering verpest.

Onderweg naar Laos overkwam het me ook. Deze keer was het geen muziek of een geur die de herinnering opriep. Ik zag iets vanuit de trein. Het duurde maar een seconde of drie maar het was genoeg om de herinnering terug te halen. Ik zag een man en een jongen bij een rijstveld staan. En plotseling moet ik denken aan een herinnering die eens in de zoveel jaar wel een keer terug komt.
Samen met mijn vader reed ik terug naar huis van een middag vissen. Ik denk dat ik toen een jaar of tien was. We waren wezen vissen tussen Lutten en Dedemsvaart bij het Kolenbranderbos, onze favoriete visstek. Nu nog kan ik er niet langs rijden zonder even naar de plek te kijken waar we altijd zaten. Op de terugweg reden we niet de meest voor de hand liggende route maar door de landerijen. Mijn vader had daar lang geleden gewerkt. Volgens mij als knecht van een boer of zo dat weet ik niet precies maar dat doet er ook niet zoveel toe. We reden langs een stuk weiland en hij vertelde dat hij op dat stuk land vroeger had gewerkt.
En toen zei hij het.
‘Op dat stuk land heb ik heel wat voetstappen staan.’
Hij zei het terwijl hij naar het stuk land keek en met een wat treurige blik in zijn ogen.
‘Op dat stuk land heb ik heel wat voetstappen staan.’
Ik vond het direct een geweldige uitdrukking. Een hele poos later toen we nog eens langs dat stuk weiland reden wou ik dat hij het nog eens zei maar ik wilde het natuurlijk niet vragen. Ik zal wel zoiets gevraagd hebben als: ‘Goh pap, hier heb je toch gewerkt?, heb je hier veel rondgelopen?’ weet ik veel. Misschien heb ik door lopen zeuren over dat lopen, ik weet het niet meer. Blijkbaar had hij door wat ik wilde horen, of het was puur geluk want hij zei het nog een keer.
Hij zal het ongetwijfeld niet zo hebben bedoeld maar de eerste keer dat hij het zei, met de iets wat treurige blik, heb ik altijd geïnterpreteerd alsof hij me wilde vertellen dat ik geen dingen tegen mijn zin moest doen.
‘Ga iets doen wat je mooi lijkt.’
‘ Zorg ervoor dat je niet teveel voetstappen zet op een plek waar je het niet naar je zin hebt.’
Als ik weer eens van baan wisselde, dat gebeurde nogal eens, kwam de herinnering aan die autorit met mijn vader nog wel eens terug.
Een man met zijn zoon die bij een sawa staat te kijken. Drie seconden.
Zal hij zijn zoon ook vertellen om iets te gaan doen wat hem mooi lijkt? Ik denk het niet. De kans is groter dat hij zegt:’Dit stuk land heb ik in mijn leven bij elkaar gewerkt en later zal het van jou zijn en daarna van je kinderen.' 'Op dit stuk land zullen veel voetstappen van je komen te staan.'
Ik vraag me af hoe mijn vader gereageerd zou hebben op de mededeling dat we ons vrijstaande boerderijtje te koop zouden zetten om drie jaar rond te gaan zwerven. Hij was, net als ik, niet zo’n prater. Terwijl we nog veel te bepraten hadden. Zou hij uit zijn slof zijn geschoten en me compleet voor gek verklaren? Hoe ik het in mijn botte kop……… Of zou ik, ook als hij nog geleefd zou hebben, nooit echt weten wat hij ervan zou denken en alleen maar zeggen: ‘Als dat is wat je wilt.’
Ik krijg mijn paspoort terug van de douanier. Ik doe mijn oordopjes in en druk op de Play knop van mijn MP-4 speler en hoor de eerste tonen van “Let It Ride” van Ryan Adams. Ik denk aan mijn vader, en met iets wat vochtige ogen maar met een grote glimlach op mijn gezicht stap ik de grens over.
Ik ben weer in Laos!
Het land waar ik al heel wat voetstappen heb staan.

 

You need to a flashplayer enabled browser to view this YouTube video

De diashow van Laos met de muziek van Ryan Adams werd door Googlevideo geboycot ivm de rechten op de nummers. Dan maar zo. Van You Tube, "Let It Ride" van Ryan Adams

 

Laos 

De nachttrein van Bangkok naar Ubon Ratchatani is een ramp. De airco staat de hele nacht op volle kracht te blazen met als gevolg dat het stervenskoud is in onze treincoupe. Midden in de nacht ga ik er uit op zoek naar een extra deken voor Martine en mezelf. Martine schrikt zich een ongeluk wanneer ik haar op haar gezicht tik maar als ze de deken ziet neemt ze die maar al te graag aan. Het lukt nog een paar uur te slapen maar we zijn behoorlijk kapot wanneer we in Ubon Ratchatani aankomen. Martine is sinds een dag of twee ook nog eens snipverkouden en is blij dat ze, na een busrit van drie uur, op bed kan gaan liggen in ons guesthouse in Pakse. ’s Avonds krijgt ze er ook nog koorts bij en ze zal het een paar dagen rustig aan moeten doen om weer te herstellen.
De volgende dag slenter ik wat in mijn eentje door Pakse. Ik bezoek de Wat ( tempel ) en zit een poos in een internetcafé om een plan voor de komende weken in elkaar te draaien. Meestal doet Martine dit waarna we samen de definitieve route bepalen. Maar ze heeft me gevraagd of ik voor Laos het “voorwerk” wil verrichten. Iets wat ik graag doe want sinds onze vakantie in 2005 ben ik zwaar verliefd op dit land. Ik snap niet dat hele volksstammen naar Thailand afreizen. Wanneer je een paar uur verder reist, zit je in landen als Laos en Cambodja. Landen waar de mensen veel vriendelijker zijn, het eten lekkerder is en…. voor de Nederlander ook niet onbelangrijk, veel goedkoper zijn dan de toeristische plaatsen in Thailand. En voor mooiere stranden en eilanden kun je beter naar de oostkust van Maleisië gaan.
Het zal wel dezelfde reden hebben waarom hele volksstammen een koekeloerder voor hun raam zetten. Zo’n pop dat op een kind moet lijken dat door de ramen naar binnen gluurt. Ik heb twee linker handen, maar elke keer wanneer ik zo’n pop zag staan kreeg ik zin om een klein galgje in elkaar te timmeren.
Veel mensen doen iets of gaan ergens naar toe dus…, het zal wel leuk zijn. Vaak niet wetend dat ze op plekken komen die totaal niet representatief voor het land zijn.
Stoor ik me eraan? Integendeel!, ik kan er vaak erg om lachen en mensen moeten het vooral blijven doen. En ze moeten vooral naar Thailand blijven gaan. Vliegtuigen vol graag. Met z’n allen naar Phuket, Phi Phi of Patthaya. Hopelijk blijft Laos op deze manier van een toeristische invasie bespaart. Want dat het snel kan gaan blijkt wel uit de berichten die we van andere reizigers horen.
In 2005 was het kleine plaatsje Vang Vieng, dat tussen Luang Prabang en de hoofdstad Vientiane ligt, al behoorlijk in trek bij de backpackers. Maar het schijnt dat je er nu echt niet meer heen moet gaan. Tenzij je tussen de “party backpackers” wilt zitten die zich daar van ’s ochtends vroeg tot ’s avonds laat laten vollopen met het spotgoedkope Beer Lao. Je kunt daar in een rubberen band een deel van de rivier afzakken die langs het stadje stroomt. Het stadje puilde toen al uit van de “Friends” restaurants. Dit zijn restaurants waar je naast heerlijk eten, kunt kijken naar afleveringen van de gelijknamige Amerikaanse TV serie.
In 2005 zaten we al vrij snel op een fiets om de prachtige omgeving rond Vang Vieng te bekijken. Het is nog steeds de mooiste omgeving die ik in Azië heb gezien. Misschien is het allemaal ook niet zo raar. We zijn nog geen reiziger tegen gekomen die in Laos was geweest en een negatief verhaal had over het land. Integendeel, bij de meesten is het het favoriete land van ZO- Azië. En mond op mond reclame is nog steeds de beste reclame.

Dat Laos het meest gebombardeerde land ter wereld is, is bij veel mensen niet bekend. In de Vietnam oorlog is Laos meer gebombardeerd dan Duitsland en Japan bij elkaar in de Tweede Wereldoorlog. Het werd toen ook wel “het andere theater” genoemd. Na de Vietnam oorlog is Laos met behulp van de CIA weer “op de rails geholpen”. Dankzij deze opbouwmissie van de Amerikanen is Laos vandaag de dag de derde opium leverancier ter wereld. Het moet alleen Myanmar en… Afghanistan voor zich dulden.
Na mijn vakantie in 2005 dacht ik dat ik armoede had gezien in de kleine dorpjes in het noorden en had ik zowaar wat last van een cultuurshock toen ik kleine kinderen in de bergen met stenen zag sjouwen waar muurtjes van werden gemetseld voor langs de weg. En onze bus door twee pubers met machinegeweren werd beveiligd tegen de rebellen die tussen Luang Prabang en Vientiane nog wel eens voor ongeregeldheden willen zorgen. Het was mijn eerste kennismaking met Azië en een ontwikkelingsland.
Twee jaar later tijdens de taxirit van het vliegveld in Mumbai naar het centrum zag ik meer armoede dan in de drie weken Laos. Na mijn vakantie in Laos moest ik denken aan een stuk uit een conference van Youp van het Hek. In Nederland schijn je je te kunnen verzekeren tegen te weinig sneeuw tijdens je wintersport. Ik heb me toen nog gekscherend afgevraagd of dat ook voor een cultuurshock zou kunnen. Arrghh, ik bedenk me nu dat ik het weer vergeten ben te checken. ( Arie kun je de polis er nog eens op nakijken.)
Morgen trekken we verder naar het zuiden. We gaan een paar dagen de batterijen opladen op de 4000 eilanden. Hopelijk is Martine gauw weer de oude zodat we daarna weer met volle teugen kunnen genieten van dit prachtige land.


4.000 Eilanden
 

De eerste twee dagen op het eiland Don Det doen we niets. Martine is nog te zwak om iets te ondernemen dus we liggen voornamelijk met ons boek in ons hangmatje voor ons hutje. Het uitzicht op de Mekong rivier is super. Langzaam maar zeker knapt Martine weer op. Ze krijgt alweer praatjes en wanneer ze een spelletje Skib-Bo wint, kan ze het niet laten om me te laten weten hoe goed ze wel niet in dit spel is.
Don Det doet ons veel aan Vang Vieng denken. Het kleine straatje staat barstensvol restaurantjes waar veelal jonge backpackers zich te goed doen aan de Beer Lao of een Happy-shake. Dit is een drankje waar wat marihuana door wordt gegooid. De laatste dag op Don Det trekken we er per fiets op uit. Het eiland staat met een brug in verbinding met het iets grotere Don Khon. Maar beide eilanden zijn per fiets makkelijk in een dag te bekijken.
Op Don Khon zien we voor het eerst in Azië een waterval die de moeite waard is te bekijken. Vaak stellen ze wat teleur. Over een lengte van een paar honderd meter valt en stroomt het water op verschillende plekken naar beneden. Overal waar je kijkt zijn grote en kleinere watervallen. Het is echt een plaatje. Ook het eiland zelf is de moeite om te bekijken. Kleine dorpjes staan langs de rivier en overal waar je komt wordt je begroet door vriendelijke mensen en kinderen. 'Sabaidee.' Na een halve dag gefietst te hebben, zoeken we ons hangmatje weer op. Morgen gaan we terug naar Pakse om het Bolaven plateau te bekijken. Waarna we langzaam verder richting het noorden zullen trekken.

 

 

De waterval op Don Khon 

Oeps, ik was het bijna vergeten. Bart en Cees, de twee motorrijders die we in Mongolië hebben ontmoet, zijn inmiddels al lang weer thuis in het koude Nederland. Bart heeft van de reis een verslag bij gehouden en deze is in boekvorm verschenen. Op de site www.freemusketeers.nl kun je het boek: "Expeditie SOS, een motoravontuur van 20.000 kilometer" kopen. Je kunt het boek ook bij je plaatselijke boekhandel bestellen. ISBN 978-90-484-0396-7 

Graag gedaan jongs ;-)

 

Bolaven Plateau en Tha Khaek

Ook in Laos is het nu winter. Als de zon onder gaat, trekken de locals hun warme kleren aan en maken ons duidelijk dat ze het maar wat koud vinden. Dat de toeristen in hun korte broek en T-shirt buiten blijven zitten wanneer het kwik ongeveer 23 graden aangeeft lijken ze niet te snappen. Wanneer we terug komen in Pakse zullen wij het echter ook nog koud krijgen.
We checken in bij een hotel dat boven het Indiase restaurant in de hoofdstraat gevestigd is. Een Amerikaan verteld ons dat hij behoorlijk ziek is geweest na een bezoek aan dit restaurant. Wanneer ik de trap op loop en via het doorgeefluikje een blik in de keuken kan werpen wordt me duidelijk waarom hij ziek is geworden. GOOR!! Nou kun je in Azië niet al te kieskeurig zijn wat betreft de hygiëne van de keukens in de restaurants maar dit is echt niet te geloven. We besluiten dan ook om hier geen hap te eten.
Ik bedenk me dat het super zou zijn als die Rob van de smaakpolitie eens een Azië special zou maken. Ik zou zijn gezicht wel eens willen zien als hij hier een willekeurige keuken binnenstapt of markt bezoekt. Eén ding is zeker, hij kan zijn OK- stickers wel thuis laten.
’s Avonds begint het opeens erg hard te waaien en daalt de temperatuur behoorlijk. Als we naar bed gaan blijkt dat de luiken niet echt willen sluiten. We hebben de wind ook nog eens vol op onze kamer staan met als gevolg dat het binnen bijna net zo hard waait als buiten. We kruipen diep onder de dekens maar echt slapen komt er niet van.

De volgende dag willen we het Bolaven Plateau bekijken. De beste manier om dit te doen is om een motorbike te huren. Het is een kruising tussen een scooter en een motor. Je haalt met gemak een snelheid van 100 km per uur  maar de meeste tijd tuffen we met een gangetje van 60 over de prima asfaltwegen op het Plateau. Met deze snelheid kun je ook nog op tijd reageren als er weer eens een kudde koeien, geiten, varkens of een grote slang de weg oversteekt.
De wegen zijn, zoals gezegd, prima. Op veel plaatsen worden asfaltwegen aangelegd of ze liggen er al. Dit in tegenstelling met drie jaar geleden. Toen deden we negen uur over een afstand van 120 kilometer van de grens van Thailand naar Luang Nam Tha in het noorden. De weg waar we toen over reden schijnt inmiddels ook al te zijn geasfalteerd. Dezelfde rit duurt nu nog maar drie uur. Na een week Laos merken we dat er veel is veranderd in drie jaar. De prijzen zijn in veel gevallen verdubbeld ( maar het is nog spotgoedkoop ) en er zijn veel meer toeristen. Het is duidelijk dat de reiziger Laos heeft ontdekt.
Voor diegenen die nog eens naar Laos willen, wacht niet te lang!
We zullen vandaag ongeveer 200 kilometer rijden op onze motorbikes en we bekijken vier watervallen. En het is niet te geloven maar ook deze vier zijn zeer de moeite waard om te bekijken. Het is voor het eerst in Azië dat we mooie watervallen zien. Zoals ik eerder al zei, vallen ze vaak wat tegen. Maar hier in zuid Laos zeker niet. Als we ’s avonds terug zijn in Pakse merken we hoe vermoeiend zo’n motortocht is. Martine valt tegen zes uur in slaap en wordt alleen nog even wakker wanneer ik tegen half tien naast haar kom liggen. Ze zal het klokje rond slapen deze nacht.

 

 

Een stukje zandweg op het Bolaven Plateau 

Met een local bus gaan we de volgende dag richting Tha Khaek. Het is een rit van bijna tien uur. Het is dan ook al donker wanneer we door een tuk-tuk bij ons guesthouse worden afgezet. We hebben de smaak van het motorbike rijden te pakken. Ook hier gaan we er de volgende dag met zo’n ding op uit. Veel toeristen die in Tha Khaek komen rijden de zogenaamde “Loop”. Dit is een tocht van meer dan 400 kilometer en onderweg kun je een aantal grotten bezoeken en wat watervallen bekijken. Meestal doet men drie a vier dagen over deze tocht. Wij besluiten om twee dagen te gaan toeren.
Onze bestemming is Tham Kong Lo, een grote grot waarin een zeven kilometer lang riviertje stroomt die je per bootje af kunt varen. Het is een rit van ongeveer 175 kilometer. De eerste honderd gaan over de wat grote weg die naar de hoofdstad Vientiane leidt en is nog niet zo heel erg bijzonder.
Wanneer we de weg verlaten en op de kleinere weg komen die richting de grot gaat is het echter volop genieten. De weg kronkelt zich door de bergen en achter elke haarspeldbocht wacht ons wel een verrassing. Prachtige rotspartijen worden afgewisseld met schitterende uitzichten. Klein nadeel is de motorbike van Martine. Wanneer we bergop moeten rijden en ze terug moet schakelen, loopt regelmatig de ketting van het tandwiel zodat we vaak moeten stoppen. De laatste 30 kilometer die grotendeels over een stoffige onverharde weg gaat moeten we nog even doorrijden om voor het donker het dorpje te bereiken dat bij de grot ligt. In het dorpje ontmoeten we Dana, een Amerikaanse die op Hawaï woont. Zij wijst ons de weg naar een familie die wat hutjes verhuren. Het diner en het ontbijt zit bij de prijs van € 10, - inbegrepen. Goede deal dus!
Het maakt niet uit of het nou zomer of winter is, in heel ZO- Azië wordt het elke dag tegen zes uur donker. In ons hutje is geen elektriciteit dus blaas ik de kaars tegen half acht maar uit en gaan we vroeg met de kippen op stok. We zijn doodop van de rit.

Ik ben gek op de natuur, mijn grootste vrienden zijn de dieren.
Van de vogels tot de pieren raak ik helemaal in vuur en vlam.
De pelikaan, een leguaan ik houd er zoveel van, maar waar ik echt niet tegen kan…….
Dat is de haan!

                                                                    Uit: 'De Haan' 
                                                                    Fratsen


Plus Mongoolse paarden en katten. Maar verder kan ik kan me wel vinden in deze tekst van André Manuel. Wat een rotmanier van wakker worden is het toch met dat gekrijs van die beesten. Mij is altijd geleerd dat de haan begint te kraaien wanneer de zon opkomt. Nou de hanen hier in Laos doen daar niet aan mee. Wanneer ik wakker wordt van de pokkebeesten die rond ons hutje scharrelen en buiten kom is het nog net zo donker als toen ik naar bed ging. DE HAAN MOET ERAAN!

 

That's the way aha aha, I like it aha aha 

Ik ga, tot groot vermaak van de kinderen, bij de locals staan die zich staan op te warmen bij een klein vuurtje en ook al wakker zijn. Ik probeer een gesprekje met ze aan te knopen maar dat lukt niet echt. De enige paar woorden Engels die ze spreken is: ‘Seven o’clock, cave open.’ Een uurtje later komt ook Martine naar buiten en even later wekken we Dana voor het ontbijt. Voor het ontbijt, dat bestaat uit een spicy noodlesoup, voert één van de oudere mannen, één of andere Baci ceremonie op. We krijgen wat sticky rice en een hard gekookt ei in onze linker hand gelegd en moeten de handen bij elkaar houden boven de tafel. Vervolgens knoopt de man bij een ieder van ons twee witte koortjes om de pols waarbij hij wat prevelt en met de koortjes boven onze handen zwaait. Waar het precies voor dient blijft ook voor ons een raadsel. Maar grote kans dat het voor het goede geluk is. Net zoals zoveel andere gewoontes hier in Azië. Wanneer we alle drie van twee koortjes zijn voorzien geeft de man aan dat we mogen gaan eten.

De grot is…groot en donker. Op sommige plaatsen is het water van het riviertje dat door de grot stroomt zo ondiep dat we uit de boot moeten en met onze blote voeten in het ijskoude water staan zodat onze gidsen de boot over de kiezels kunnen trekken. Op één plek bekijken we wat stalagmieten en tieten maar verder is er niet veel te zien. Het idee dat je zeven kilometer onder een grote berg door vaart is echter wel mooi.
Het is al bijna elf uur als we aan de terugweg beginnen. We gaan dezelfde weg terug als die we gisteren hebben gereden. Op het andere deel van de “Loop” zit een stuk weg van 30 kilometer waar je ruim twee uur over doet, zo slecht is die weg. We zouden het dus nooit redden om voor het donker terug in Tha Khaek te zijn als we die route zouden nemen. Wederom loopt de ketting van Martine haar motorbike er een paar keer af wat voor het nodige oponthoud zorgt. Toch moet het lukken om voordat de duisternis invalt Tha Khaek te bereiken. Totdat….. Ik haal net een vrachtwagen in wanneer ik merk dat mijn achterwiel begint te zwabberen. Ik heb het direct in de gaten en ga gauw naar de kant van de weg.
Lekke band!
En natuurlijk op een plek waar geen hond woont en nog 70 kilometer van Tha Khaek verwijderd. Martine rijdt verder om te proberen in het volgende dorp hulp te regelen en ik blijf in eerste instantie staan wachten. Dan besluit ik toch maar om Martine tegemoet te rijden. Na ongeveer vier kilometer te hebben gehobbeld met een sukkelgangetje zie ik Martine aan komen rijden met achter haar een man in een pick-uptruck. Het is nog maar een kilometer naar zijn huis dus ik volg de man maar totdat we er zijn.
Na drie kwartier zit de nieuwe binnenband er dan eindelijk in en betaal ik de vriendelijke man de drie euro die ik hem ben verschuldigd. Het is bijna vijf uur als we weer op pad gaan. Binnen een uur is het donker en we moeten, zoals gezegd, nog 70 kilometer. En straatlantaarns kennen ze hier alleen in de dorpjes en steden. We trappen de Bike dus op zijn staart en vliegen met een rotgang richting Tha Khaek waar we net voor het echt donker wordt arriveren.
Overmorgen gaan we verder. We genieten nog een extra dagje van ons guesthouse en de ruime schone kamer. In het noorden is het landschap nog mooier met zijn karstgebergte. Het is dus wel zeker dat we er nog een paar keer met een motorbike op uit trekken.

 

 

Prachtige rotspartijen en vergezichten.
 

Uitzicht op het dal.

 

Eén van de vele haarspeldbochten.
 

Noord Laos

We zitten in de bus van Tha Khaek naar Paksan. De bedoeling is om in Paksan uit te stappen en een bus zien te regelen die over de kleinere weg rechtstreeks naar Phonsovan gaat om daar de “Plain Of Jars” te bekijken. Vlak voor Paksan zit ik wat in de Lonely Planet te bladeren en bekijk ik de kaart van noord Laos. Dan zie ik dat het volgens mij mogelijk moet zijn om vanuit Luang Prabang een grote motorbiketocht te maken van een dag of vier. Deze zal ons dan ook Phonsovan leiden. We kunnen er dus ook op deze manier komen. Ik leg het voorstel voor aan Martine en die ziet het ook direct zitten om er een paar dagen met de Bike op uit te trekken. We geven het manusje van alles in de bus het extra geld dat nodig is om ons naar Vientiane te brengen en blijven in Paksan in de bus zitten.

De hoofdstad Vientiane hebben we drie jaar geleden al bekeken. We blijven nu enkel voor een overnachting. De volgende ochtend staan we om zeven uur alweer op het busstation om aan tickets zien te komen voor de bus naar Luang Prabang.
Het zal wederom een lange reisdag worden. Net als gisteren zitten we meer dan negen uur in de bus. Dit lijkt wel relaxed, maar je bent behoorlijk moe als je na zo’n rit eindelijk aankomt op de eindbestemming. We kunnen een uurtje later al vertrekken. We moeten dan wel met een VIP bus. Deze is wel wat duurder dan een local bus maar de volgende local bus waarin plaats voor ons is vertrekt pas om half elf. De VIP bus blijkt niet zo VIP als dat je zou vermoeden.
We hebben weinig beenruimte en Martine moet eerste een metalen flessenhouder van de wand schroeven om enigszins normaal te kunnen zitten. Het VIP gedeelte zit hem waarschijnlijk in de gratis maaltijd die we onderweg krijgen en de televisie voor in de bus, waar negen uur lang karaoke clips op wordt afgespeeld. Clips van romantische Laotiaanse zwijmelliedjes die in eerste instantie allemaal lijken te gaan over onbereikbare liefdes maar aan het eind toch allemaal een happy end kennen. Verder zien we nog propagandaclips met oude en recente beelden van de communistische partij. Zo te zien gaat het over de goede verstandshoudingen tussen Laos en Vietnam want in elk clipje wordt enthousiast met de vlaggen van beide landen gezwaaid. Pepsi is blijkbaar de sponsor van de DVD want regelmatig zijn er ook danseresjes te zien, exotisch heupwiegend voor een groot reclamebord van dit colamerk. Negen uur lang zit ik tevergeefs te wachten op een clip van Sek Loso. De band waarvan ik drie jaar geleden nog een cd heb gekocht in Luang Prabang. Maar tevergeefs zoals ik al zei.

 

You need to a flashplayer enabled browser to view this YouTube video

Videoclip van Sek Loso uit Thailand. Ook in Laos Mega populair. 

GODVERDOMME !!! ( 10 keer )
Ik wil niemand tegen de kop stoten maar dit is echt de enige reactie die ik heb wanneer we eindelijk na een lange reisdag een hotelkamer hebben gevonden. Het enige wat ik nog wil is een goede maaltijd en een Beer Lao. Martine loopt in haar tas te graaien maar na Maleisië overkomt het ons weer. Het tasje met daarin de creditcard, bankpas, euro’s, dollars en nog wat Thai Bath is verdwenen. Nou is het maar geld, en de Raborekening is zo geblokkeerd dus vanwaar die heftige reactie zul je zeggen.
Nou, onze paspoorten zaten er deze keer ook bij in.
‘Als de sodemieter terug naar het busstation’ zeg ik en we rennen naar buiten. De eigenares van het guesthouse komt naar ons toegelopen omdat ze denkt dat we in willen checken. Als ze Martine’s volgelopen ogen ziet en het verhaal van de paspoorten hoort krijgt haar vrolijke gezicht een bezorgde blik.
‘Sure, no problem. Check in later, Go! GO!.’
Zwijgend scheuren we met een tuk-tuk richting het busstation. Martine haar tranen beginnen langzaam op te drogen. Bij mij blijft het misselijke gevoel in mijn maag me een onaangenaam gevoel bezorgen. Allerlei scenario’s spoken door mijn hoofd.
‘Heeft Laos wel een Nederlandse Ambassade?’
‘Zo niet, waar moeten we dan naartoe?’
‘Krijgen we dan zo’n nood paspoort? En kun je daar wel mee rond de wereld reizen?’
‘Moeten we voor zo’n stom paspoort terug naar Nederland?’ enz, enz.
Wanneer we het terrein van het busstation opdraaien zien we al snel de grote gele VIP bus staan. De tuk-tuk staat nog niet stil of ik spring eruit en ren op de bus af. Ik zie dat de deuren nog openstaan en wil net naar binnen springen wanneer ik achter me iemand hoor roepen.
‘Sir, sir!, SIR!’
Als ik me omdraai zie ik een man staan die net bezig is om een klein zwart tasje, dat hij om zijn nek heeft hangen, af te doen. Ons tasje!!!
‘You lost your pasport?’
Ik weet niet of het beleefd is om te doen in Laos maar ik vlieg de man om zijn nek en knijp hem bijna fijn tussen mijn armen. Daarna knijp ik Martine bijna fijn die nu tranen huilt van de opluchting. Als Martine het tasje aanneemt en ik mijn portemonnee wil pakken om de man zijn vindersloon te geven houdt Martine me tegen.
‘Wacht even.’
De creditcard, bankpas en paspoorten zitten nog in het tasje maar het geld, ongeveer € 500, - euro bij elkaar, is verdwenen. Als we dit tegen de groep mannen die bij ons staat vertellen, wordt er hevig gediscuceerd. Niemand heeft natuurlijk het geld en de schuld wordt al snel aan de buitenlanders toegeschreven. Het is ook overal hetzelfde.
‘People from Lao won’t do that.’
Ja, ja.
Wij krijgen het idee dat de mannen meer weten van het verwenen geld dan dat ze toe willen geven maar we kunnen niets bewijzen. En misschien is het wel een andere toerist geweest die tijdens de lunchstop zijn slag heeft geslagen. Wanneer je lang rondreist en alles gaat van een leien dakje dan sluipt er toch een soort van nonchalance in je.
‘De tas?, ohh die kun je wel in de bus laten liggen tijdens een lunchstop. Iedereen doet het dus het is wel veilig.’ Niet dus. Vandaag zijn we weer even met de neus op de feiten gedrukt en hebben we wederom strontgeluk gehad. We bedanken de mannen maar geven geen geld. Het feit dat ze nergens om vragen zegt misschien ook genoeg. Nou en van mij mogen ze! Laten ze maar een avond flink dronken worden van ons geld als ze het hebben. Wij hebben onze paspoorten terug en kunnen zonder al het gedonder wat er anders bij zou komen kijken gewoon doorreizen. Sneu geld maar het had veel erger kunnen zijn.
Terug in het guesthouse loop ik linearecta naar de koelkast. Ik pak een Beer Lao en giet hem naar binnen. Zo, en nu eten!

 
Luang Prabang

Na de ongelofelijke mazzel met de paspoorten hebben we de volgende dag een beetje pech. Het blijkt dat toeristen in Luang Prabang geen motorbikes mogen huren. De rit waar we zo naar uit hebben gekeken gaat dus niet door en we zijn genoodzaakt om een heel nieuw plan voor de komende dagen te maken. De Gibbon Expierence die we wilden doen valt al snel af. Hier in het noorden van Laos wordt het tegen de avond o koud dat ook wij Europeanen maar wat graag een lange broek en een jas aan willen trekken. Een verblijf in een boomhut lijkt ons nu niet echt wat. We besluiten daarom om voor de laatste week Laos, Luang Prabang als uitvalhaven te gebruiken en verschillende dagtochten te maken op de fiets en per boot.

Door velen wordt het wel de mooiste stad van Azië genoemd en ik kan dat alleen maar beamen. Luang Prabang is met zijn kleine straatjes, koloniale Franse gebouwen en opmerkelijk veel groen een heerlijke plek om te vertoeven. De sfeer heeft meer weg van een groot gezellig dorp dan dat van een stad.
Dat de reiziger Laos heeft ontdekt zoals ik al eerder zei, wordt ons in Luang Prabang nogmaals duidelijk. In het oude stadscentrum wordt het straatbeeld bepaald door de vele toeristen. Op de heuvel die in het centrum ligt en vanaf waar je ’s avonds een mooi uitzicht hebt op de ondergaande zon en de omliggende bergen, was het drie jaar geleden al behoorlijk druk. Nu is er echter geen doorkomen meer aan. De top staat vol met toeristen die zich staan te verdringen om maar het beste plekje te hebben om die ene mooie foto te maken van de langzaam zakkende zon. Ik schiet er ook een paar maar houd het daarna snel voor gezien in dat mierennest.
In Luang Prabang merken we ook voor het eerst dat de Kerst weer voor de deur staat. In een paar restaurantjes staat de Kerstboom te pronken of staat een manshoge plastic Kerstman keer op keer het zelfde deuntje te zingen.
‘Kill him!’ zegt Martine tegen het meisje dat ons bedient en ze knikt naar de pop. De glimlach van het meisje is veelzeggend. Je wordt ook knetter gestoord als je de hele dag naast zo’n kolere pop staat.

Het is 23.00 uur en de jongen van het restaurant dat ook gratis WIFI aanbied legt de rekening op tafel ten teken dat ze de tent zo gaan sluiten. Ik heb net de site bijgewerkt en heb eigenlijk nog wel zin in een Beer Lao maar hier maak ik geen kans meer. Ook in de andere restaurants zit het slot inmiddels op de koelkast dus loop ik maar terug naar het guesthouse.
Onderweg zie ik in een klein straatje opeens nog licht branden onder een grote gele partytent en ik besluit om het daar nog maar eens te proberen. Onder de partytent zit een groep oude mannen te kaarten. Er is één jongere man die een beetje Engels spreekt. Als ik om een Beer Lao vraag is het direct: ‘Yes, sure.’ Eén van de oude mannen gebaard dat ik wel naast hem mag komen zitten. Als ik even heb zitten kijken zie ik dat het kaartspel dat de mannen spelen een variant op pokeren is, althans dat denk ik. Iedere speler krijgt drie kaarten en door 1000 Kip op tafel te gooien ( tien cent ) daag je je medespelers uit om mee te gaan of om af te haken. Daarna worden de kaarten op tafel gegooid en de combinaties vergeleken. Degene die de beste combinatie heeft wint. Simpel, dat kan ik ook en ik trek mijn portemonnee.
‘Let’s play cards!’
Het spel is toch niet zo simpel als dat ik dacht. Ik zet iedere keer enthousiast de 1000 Kip in en wanneer de kaarten op tafel worden gegooid doe ik dat ook maar en begin ik te juichen. Als ik de pot leeg wil halen wordt ik van alle kanten tegen gehouden.
‘No!, no!, noooo!!’
‘No?’
‘Yes!, look I have a Ace’ zeg ik en wil weer voor het geld gaan.
‘Nooooooo!’
Iedereen probeert me duidelijk te maken dat de zeven van mijn tegenstander toch net iets hoger is dan mijn Aas.
‘Okaaaaay.’
De mannen hebben al snel in de gaten dat ik er niets van snap en maar wat zit te dollen. Ze vinden het blijkbaar erg leuk dat er een toerist bij hun zit die de pot loopt te spekken want al snel komt de Lao Lao op tafel, de Laotiaanse wodka. Ik probeer het niet eens om het vriendelijk af te slaan want dat heeft toch geen zin.
‘Gooi maar vol!’
Tegen 02.00 uur, ik ben dan bijna tien euro lichter, maak ik de mannen duidelijk dat ik toch echt moet gaan. Iedereen staat op en omhelst me en bedankt me waarschijnlijk voor die tien euro. Ik versta er niets van maar bedank ze voor de geweldige avond.
‘Goed, waar was het guesthouse ook alweer.’
Als ik het guesthouse dan eindelijk terug vind blijkt de deur al op slot te zitten. Gelukkig is het meisje dat elke avond op de grond achter de balie slaapt snel wakker en ze laat me binnen. Dan staat Martine plotseling voor mijn neus.
‘Wat doe jij nog op?’ vraag ik met een grote lach op mijn gezicht.
‘Ik wilde je net gaan zoeken’ zegt ze tegen me.
‘Ik dacht dat je niet binnen kon komen.’
Martine heeft direct in de gaten dat ik hem behoorlijk heb staan. Als ik in de kamer, nog nagenietend, het hele verhaal van de oude mannen en het kaarten vertel kan ze er wel om lachen. Daarna val ik in een diepe slaap.
Ik heb nooit last van katers. Bij mij zijn het vaak “bijna dood ervaringen”. Thuis ontvluchtte Martine vaak het huis als ik weer eens was doorgezakt omdat ik dan niet te genieten ben. Nu hebben we echter afgesproken om de volgende dag op de fiets naar een waterval te gaan die dertig kilometer buiten Luang Prabang ligt. Ik wil me in eerste instantie niet laten kennen maar stel na het ontbijt toch heel voorzichtig een tuk-tuk voor. Gelukkig vindt Martine het goed, en als we met de tuk-tuk door de bergen rijden is ook zij geloof ik wel blij dat we niet op de fiets zijn gegaan. Want ook zonder kater zou het een pittige fietstocht zijn geworden.


Nong Khiaw 

Vooral ik wil dolgraag nog een keer naar Nong Khiaw. Een gehucht ten noorden van Luang Prabang. Het dorpje stelt niets voor maar het is prachtig gelegen tussen het karstgebergte. We besluiten om de boot te nemen om ons er naartoe te brengen. Het is een tocht van zeven uur stroomopwaarts. De boottocht is prachtig. We passeren dorpjes waar de tijd stil lijkt hebben gestaan. De vrouwen wassen de kleding, hun kinderen en zichzelf in de rivier. Kinderen zwaaien enthousiast als ze ons zien en de mannen vissen het avondeten bij elkaar dobberend in een klein gammel bootje op de grote rivier.
Na zeven uur op een klein houten krukje te hebben gezeten zijn we wel blij dat we eindelijk de grote brug van Nong Khiaw zien en uit kunnen stappen om de benen weer even te strekken. Wanneer we onze tassen in de kamer van een guesthouse hebben gedropt en op de bommen bank plaats hebben genomen, besluiten we wederom het reisplan om te gooien.
Een bommen bank is overigens een bank van een doormidden gezaagde bom. Iets wat hier heel normaal is. Van alles wordt er gemaakt van die dingen. Banken, plantenbakken. Er zijn zelfs huizen die in plaats van op palen op grote bommen zijn gebouwd. En het schijnt zelfs dat sommigen nog niet ontmanteld zijn. Enthousiast juichen bij een doelpunt van het Laotiaanse voetbalelftal wordt dan ook afgeraden wanneer je in zo’n huisje een wedstrijd bekijkt. Een geluk voor die mensen is dat dit elftal niet erg vaak schijnt te scoren. Maar waar was ik gebleven. Het reisplan.
We waren eigenlijk van plan om met de boot vanuit Luang Prabang naar Huay Xai te gaan. Een grensstadje in het noorden van Laos. Om vandaar uit richting Chiang Mai te gaan in Thailand waar we dan de nachttrein naar Bangkok wilden nemen. De boottocht naar Huay Xai duurt echter twee dagen en we denken dat de tocht niet erg zal verschillen dan die van de zeven uur die we net hebben gehad. We gaan nu via Vientiane terug naar Thailand.
Maar eerst genieten van Nong Khiaw! Ik vind het heerlijk om hier weer te zijn. Ons oude hutje aan de overkant van de rivier staat er nog steeds. Evenals het hutje met de douche waar drie jaar geleden, toen ik me stond af te drogen, plotseling een grote rat naast me neerviel. Het beest had zich waarschijnlijk verstapt op één van de balken boven mijn hoofd. Gelukkig vloog hij als een speer weer naar buiten. Net als ik overigens. Ook hier valt het ons op dat er de afgelopen drie jaar behoorlijk geld is verdiend. Ons oude guesthouse met zijn simpele restaurant is nu één van de mooiste tenten van het gehucht waar nu ook veel meer stenen huisjes staan als toen. De omgeving is gelukkig niet veranderd en nog steeds prachtig.

Het is een beetje een traditie geworden. In veel landen en steden brengen we een bezoekje aan een bioscoop. Zo zagen we al in Londen, Parijs, Bangkok, Mumbai, Kuala Lumpur en Ulaan Bataar een film. Geen van de bioscopen in al deze wereldsteden kan echter tippen aan de privé bioscoop die we in Nong Khiaw bezoeken. Eerst denk ik een gewone DVD winkel binnen te stappen zoals er hier zoveel zijn en waar je voor een euro een film kunt kopen. We hebben inmiddels al wat op onze laptop bekeken en ik wil even kijken of er nog wat te kopen valt. Ik ben dolenthousiast wanneer ik de film “Papillon” zie. Ik heb het prachtige boek deze reis al gelezen en wil nu ook dolgraag de film nog eens zien. Ik had hem tot nu toe echter nog nergens kunnen vinden. Als ik de film op de toonbank leg en mijn portemonnee trek is er wat onduidelijkheid. Dan maakt de jongen me duidelijk dat ik mee moet lopen en brengt me naar een oud vervallen hok waar twee peertjes voor wat licht zorgen. Op de betonnen vloer liggen wat dunne matrasjes en wat kussens.
‘Euhh, wat wil je van me?’
Maar dan zie ik dat er ook een Mega televisie staat plus een DVD speler. GEWELDIG!!!!
’s Avonds na de halve dag in de omgeving van Nong Khiaw te hebben gefietst gaan we terug naar de winkel en leg wederom “Papillon” op de toonbank.
‘This one please.’
Dan volgt er een teleurstelling. Nadat we met zijn drieën alle mapjes hebben doorgezocht blijkt de film nergens te vinden.
‘Sorry, no have.’
Shit!
Helaas geen “Papillon”. Het wordt de “Motorcycle Diaries”. Met een Beer Lao in de hand nestelen we ons op de koude grond en genieten van de film. Helemaal super!

 

 

Ons oude hutje ( tweede van rechts ) in Nong Khiaw 

 
Luang Prabang II 

We zijn terug in Luang Prabang. Vanmorgen zijn we vroeg op gestaan om de dagelijkse “bedeltocht” van de monniken te bekijken. Elke ochtend als de zon opkomt, lopen er zo’n 400 monniken door de straten van Luang Prabang. Van veel bewoners krijgen ze wat rijst in een metalen kom gegooid die ze om hun schouders dragen. Zo komen ze elke ochtend aan hun eten voor die dag. Ook dit is een toeristische attractie geworden. Vanaf ons rustige plekje zie ik plotseling aan het eind van de straat zoveel flitslichten van camera’s, dat ik weet dat het niet lang meer kan duren voordat de monniken langs zullen komen. Madonna zou er jaloers op worden.
Morgen gaan we richting Vientiane. En dan is het weer op naar Bangkok waar we vrijdag Arie, Ellen, Annelies, Michel en Joris van het vliegveld op zullen halen. Laos zit er dus bijna op. En ondanks dat er veel is veranderd in drie jaar was het weer geweldig. Ik denk niet dat ik Martine nog een keer mee krijg naar dit land want we hebben het nu van boven tot beneden gezien.
Zij heeft besloten om het, in mijn ogen, zotte plan door te zetten om volgend jaar haar verjaardag op het Lowlands festival in Nederland te vieren. Ik blijf lekker hier in Azië en krijg hoogstwaarschijnlijk bezoek van André en Jeannette. Dus wie weet. Misschien, heel misschien kom ik nog eens terug in dit meer dan fantastische land.

 



 

LAST_UPDATED2
 
Reacties (8)
Wauw!
8 maandag, 05 januari 2009 05:04
Bianca
Zitten hier in ons guesthouse vol bewondering de prachtige verhalen te lezen.....
Misschien in boekvorm later?

Maayke en Bianca
Hmzzz
7 dinsdag, 16 december 2008 18:08
Jettepet
Kan de diaserie niet zien :(

Mooi geschreven Edwin, dat van de voetstappen en je vader!

Nu alweer in Thailand, jakkes hahahahaha

kuzzz
____________________________________
REACTIE EDWIN
Hé die Jet.
Tja, Tis een straf dat Thailand zo onderhand :-))
Heb net een bericht gestuurd naar de site admin. Heb hier het zelfde probleem met de diashow. Later nog maar eens proberen duzzz.
Eten en zo in laos (bij eten en drinken)
6 dinsdag, 16 december 2008 16:16
VVV-007 (Administrator)
mooi foto filmpje geworden ook veel hummor er in, sommige moest ik echt om lachen, ander dingen zit ik van te rillen brrr ik doe het wel mooi met onze nederlandse kost ;)

ga zo door en ik zie dat je moviemaker ook al steeds beter onder de knie krijgt :) goed zo !!

groetjes

VVV-007
Laos en Bangkok
5 maandag, 01 december 2008 15:44
arie bloed
Edwin, nee, nee, niks aan veranderen aan die route, 't was meer om te zeggen dat ik van die route Laos-kriebels kreeg, zo fascinerend kwam het over. En zal ook wel een beetje aan je schrijfstijl liggen. Mooi!
Niks veranderen dus. Hoewel? Vliegveld Bangkok?! We zien wel.
verzekeren
4 vrijdag, 28 november 2008 20:49
arie bloed
Je bent wel tegen de gevaren van adrelinesporten verzekerd, niet tegen cultuurschocks.
Heben we in december tijd om naar Laos te gaan? Want als ik dit allemaal lees...
______________________________________________
REACTIE EDWIN
Het is jullie feestje in december. Ik zal het Martine voorleggen, al denk ik niet dat ze er blij mee is. Ze heeft net een route in elkaar gedraaid. Maar aan mij zal het zeker niet liggen.
boek?
3 donderdag, 27 november 2008 20:58
jocalien en marco
ineens een boek in onze brievenbus. Goh, wat kan Marco snel wat bestellen. Maar...volgens mij had hij jullie verslag van Laos nog niet eens gelezen!?!? Hoe kan dan nou?!? Of heeft Edwin misschien.....En ja hoor, Marco wist van niets dus moeten we wel een postbode van verre gehad hebben!
Leuk hoor, hartstikke bedankt.

"donderdag 12 juni. Vanochtend voor het ontbijt afscheid genomen van Jonas, Marc, Jessica en Richard en van Martine en Edwin. Zij vertrokken namelijk om 07.30 uur voor een 14-daagse tour door de Gobiwoestijn"

liefs Jocalien
_________________________________________
REACTIE EDWIN
Dat is het werk van Martine geweest. Ik dacht dat ze het boek naar Borne zou sturen. Niet dus. Maar graag gedaan. En leuk dat wij er ook nog in staan. We willen het boek nog wel een keertje van jullie lenen!
herinnering......
2 dinsdag, 25 november 2008 18:54
wimenaletta
'k Heb het eerste deel van je verhaal gelezen, 't ontroerd me. Ja, bij alles past een mooi vassie, dus een ieder zal een liedje hebben die ze graag terugluisteren om terug in de tijd te gaan of juist vermijden om er niet meer aan terug te denken. Toevallig, want ik had vandaag een dagje van schrijven, liedjes opzoeken en dat soort dingen. Mooi!

We volgend jullie nog steeds en 't is mooi om te lezen al zullen de belevenissen niet allemaal op papier te krijgen zijn, en dat moet ook niet. :-) Laat jullie voetstappen nog maar op veel plaatsen achter de komende jaren.

groetjes Aletta
d'r ligt nog klein beetje sneeuw hier, iedereen klaagt over het koude weer, dus alles gaat goed hier.
______________________________________________
REACTIE EDWIN
Hoi Aletta.
Dank voor je reactie. Als muziekliefhebber zal jij ook wel wat songs hebben. We keep on walking! Veel plezier in de sneeuw.
hoi
1 zaterdag, 22 november 2008 12:35
regina
jeetje....die boomwortels in siem reap in cambodja. het is net uit een film. zo'n monsterfilm weetjewel. echt supermooie plaatjes. wel heftige tekst en foto's van die skeletten, massagraven ed